Trekken en duwen

Beoogd effect

Terugdringen van de lichamelijke belasting.

Maatregelen op organisatieniveau

Bouwkundige aanpassingen

Maatregel 2.1.: Zorg voor een geschikte vloer / ondergrond

Een geschikte vloer heeft voldoende stroef vlak waardoor je goed kunt afzetten en rollend materiaal makkelijk in beweging komt.

Maatregel 2.2.: Voorkom hoogteverschillen

Hellingen moeten worden vermeden. Als er toch hellingen zijn moeten deze voldoende stroef, vast en stabiel zijn. Bij hoogteverschillen mag de hoek maximaal 5º C bedragen.

Inkooptechnische aanpassingen

Maatregel 2.3.: Maak afspraken om rolcontainers tot maximaal 1.80 meter te beladen

Laat inkopers afspraken maken met de leveranciers over de aanlevering van de rolcontainers. Spreek af dat de zware producten niet bovenaan staan en dat de rolcontainer niet hoger wordt geladen dan 1.80 meter. Ook kan worden geregeld dat alles wat boven de 1.80 meter wordt geladen door de leverancier wordt uitgeladen.

Logistiek

Maatregel 2.4.: Stel transportmiddelen beschikbaar

Voor het transport van goederen en voorzieningen naar en in de (koffie)keuken worden verschillende soorten wagens gebruikt. Zorg als werkgever dat transportmiddelen beschikbaar zijn. Let op: de transportmiddelen worden voortbewogen met behulp van wielen. Zorg ervoor dat lichaamsdelen en kleding niet bekneld raken in de draaiende wielen.

Maatregel 2.5.: Zorg voor goede karren

Een kar moet aan de volgende eisen voldoen:

  1. Wagens moeten goed wendbaar en toch koersstabiel zijn.
  2. Wielen zijn groter dan 12 cm doorsnede, bij voorkeur voorzien van kogellagers. Banden moeten zijn afgestemd op de ondergrond.
  3. Stuurwiel(en) aangebracht aan de kant van de duwbeugel.
  4. Duwbeugels moeten bij voorkeur verticaal op de wagen zijn geplaatst zodat medewerkers van verschillende lengte de wagen kunnen duwen.
  5. Horizontaal geplaatste duwbeugels moeten op borsthoogte worden aangebracht.

Persoonlijke beschermingsmiddelen

Maatregel 2.6.: Draag juiste schoenen

De werknemer moet geschikte schoenen dragen. Dit houdt in dat de schoen een profiel in de zool heeft en niet glad is en dat de schoen dicht en stevig is.

Maatregelen op techniekniveau (hulpmiddelen)

Maatregel 2.7.: Zorg voor een drempelplaat/oprijplaat

Oprijplaten worden gebruikt bij het laden en lossen van vrachtwagens. Hoogteverschillen in het magazijn en naar de laadruimte worden hiermee overbrugd. Drempelplaten worden gebruikt bij het rijden met serveerwagens op bijvoorbeeld koffierondes. De werkgever dient bij hoogteverschillen drempelplaten ter beschikking te stellen.

Maatregelen voor de medewerker

Maatregel 2.8.: Maak gebruik van de rijregels

Maak gebruik van onderstaande rijregels. Let op: rijdend materiaal wordt voortbewogen met behulp van wielen. Zorg ervoor dat lichaamsdelen en kleding niet bekneld raken in de draaiende wielen.

  1. Maak gebruik van je lichaamsgewicht. Ga naar voren hangen als je duwt en naar achteren als je trekt. Duwen is meestal beter dan trekken.
  2. Duw en draai nooit tegelijk; doe óf het een óf het ander (duwen is meestal beter dan trekken).
  3. Als je draait, loop dan zelf om het object heen en neem het in die beweging met je mee. Het object zal dan soepel om zijn as draaien. Laat het object nooit om jou heen draaien: je verwringt dan je rug. Probeer het maar eens met een vol winkelkarretje.
  4. Plaats één voet op het onderstel. Dat helpt bij het duwen. Als de wieltjes nog niet in de juiste richting staan, kun je ze op deze manier in de juiste rijrichting krijgen, zonder dat je met je armen hoeft te sjorren.
  5. Beweeg gelijkmatig en rustig. Plotselinge bewegingen zijn slecht voor je lichaam. Gebruik de 3-seconden-regel: neem altijd drie tellen de tijd om een kar rustig in beweging te krijgen. Dat is veel beter voor je lichaam.
  6. “Keep ‘m Rolling”: vermijd veelvuldig stoppen en starten wanneer langere afstanden gereden moeten worden.

 

 

Dit artikel hoort bij de volgende categorieën:

Ook interessant: